zondag 17 september 2017

Montere montage

En op een mooie weekenddag was het eindelijk zover.  Na zo'n 25 dagen wrochten aan de eikenhouten carport werd het tijd om eens wat stukken te monteren.  Iedereen was erg benieuwd of het allemaal zou passen.  Ik nog het meest. 




's Morgens lag het eerste stuk al wachtend klaar. Heffen deden we met een masjien.





Laat ontdekte schoonheidsfoutjes moesten nog worden weggemoffeld.





Met "het masjien" werken was wel leuk.  Er werd wel veel gepalaverd.




Zo zwaar is dat precies toch niet, zo'n balk?





Stuk twee leek al veel zwaarder...





... maar heffen bleef een makkie.



Vele handen maken het werk licht




Jongste zoon met de allures van een dirigent




De laatste loodjes wegen zwaar ...





... en er moest al eens geduwd en getrokken ...




Maar dan was deel één opeens af.



Jongste zoon maakte van de ganse dag weer een time lapse filmpje, dat we sterk inkortten tot vier minuutjes.




Nu weet ik dat mijn redelijk artisanale aanpak tot een bevredigend resultaat leidt. En kan ik met een gerust gemoed aan de tweede helft beginnen.





donderdag 14 september 2017

Meten is weten

… en is vooral de basis voor mooi afgeleverd werk. Zonder wat goed meetwerk zou zo’n eikenhouten constructie een gedrocht kunnen worden … of een nachtmerrie bij het ineensteken. 
Een degelijke meetmethode is dus erg belangrijk en er mag dus wat tijd in gestoken worden. Ik denk dat ik ongeveer een derde van de tijd spendeer aan meten, uittekenen en passen. 

Want het probleem met die eiken balken is dat ze wel mooi gezaagd zijn, maar niet geschaafd. Dat wil zeggen dat die dingen niet perfect recht zijn, noch overal mooi in rechte hoek staan. Door het drogen gaan die balken - eerst mooi vierkant in doorsnede - beetje parallellogram staan.

Deze ziet er nog redelijk goed uit.

Je kan wel begrijpen dat dat lastig is, als je er pen-gat verbindingen mee wil maken. Het minste dat zo’n gat ietwat scheef is uitgekapt maakt dat zo’n lange balk die er ingepast wordt wel heel scheef kan komen te staan. En dat in alle drie-dimensionale richtingen! 
Bovendien zijn die balken door die poerdroge zomer veel te snel gedroogd en hebben sommige nu vrij grote barsten en zijn er zelfs enkele beginnen torseren. Het was dus wel even een breinbreker om uit te vogelen hoe ik het moest aanpakken.


Een bijkomend probleem is dat ik noch de ruimte, noch de platte vloer heb zoals de meeste professionelen die dit soort werk doen.

Ik moest het in het begin van dit jaar allemaal in de beperkte knutselruimte van mijn vroegere garage doen. Maar vanaf de zomer was de fundering van de carport af en had ik daar een betere werkplek. Vooral sinds ik er enkele grote zeildoeken over spande werd het een aangename plek om te knutselen met niet-altijd-zo-rechte balken.


De truuk om toch tot rechte verbindingen te komen is de volgende:


lood(rechte)lijnen tekenen

1
Eerst teken ik op zo’n lange balk een rechte lijn. Daar gebruik ik twee rechte latten voor, één van twee, en één van drie meter. Ik klem ze aan het uiteinde vast en laat ze in het midden tegen elkaar klappen – zo krijg ik een rechte lijn over de ganse vier meter uitgezet. 


2
dan teken ik een lijn op een uiteinde die de balk mooi in twee deelt. Ik gebruik een schietlood om die lijn mooi verticaal te hebben. Daarna gebruik ik een gradendriehoek om mooi loodrecht een tweede lijn te tekenen, die de balk nogmaals in twee deelt.



3
Daarna herhaal ik de werkwijze op het andere uiteinde van de balk. Met behulp van het schietlood teken ik ook daar een perfect verticaal lijntje die dus evenwijdig aan het eerste lijntje, helemaal aan de andere kant van de balk, vier meter ver. En ook hier teken ik een loodlijn.


4
Als ik de eindpunten van die loodlijntjes verbind langs de lange zijdes bekom ik evenwijdige rechte lijnen die samen de balk in vier delen. 


Die rechte lijnen, beschouw ik als referentielijnen voor alles wat ik uitteken op de balk. Als iets loodrecht op de balk moet komen, dan is dat loodrecht ten opzichte van die lijnen. En niet ten opzichte van het oppervlak van de balk, want dat zou verkeerd kunnen aflopen.

Pengaten voorboren

1
Om een gat uit te boren voor een pen-gat verbinding, moet ik er voor zorgen dat ik mijn boor mooi loodrecht op de voorgetekende lijnen zet. 

Het loodrecht plaatsen gebeurde eerst op een nogal omslachtige manier, met behulp van enkele wagenbouten die we in de boorstandaard monteerden, en een schietlood. Het boormasjien werd dan vastgezet met enkele serre-joints, ofte lijmklemmen en dan kan er geboord worden – per pen-gat verbinding wel tien boorgaten. Een secuur en traag werkje, dat veel te traag ging.


Nu pak ik het op een andere manier aan. Ietwat meer uit de losse pols en met behulp van een dunnere boor waarmee ik eerst voorboor.  Het inschatten van het loodrecht zijn wordt niet meer met een schietlood, maar "op zicht" gedaan, met enkele hoeklatten...


Of één van mijn mallen voor pennen. Die span ik vast op één van de loodlijnen . En verder gebruik ik hier op de foto nog een hoeklat om de boor in de andere richting te positioneren (Maar dat lukt alleen maar zo als het oppervlak er toevallig evenwijdig met een loodlijn is).

2
Voor het uitkappen zelf haal ik dan mijn beitel boven. En indien nodig ook de zaag... en gradendriehoekje.



Het resultaat zijn verbindingen waar ik niet met het schaamrood op de wangen moet naar kijken.
Perfect zijn ze niet - maar foutjes worden met de term "artisanaal", mantel-der-liefdegewijs bedekt.